Alcohol
Alcohol kan in het voedingspatroon ingeschakeld worden maar er zijn wel een aantal gevolgen aan verbonden:
- Alcohol als dusdanig in alcoholische dranken levert veel energie (1 g alcohol = 7 kcal of 30 kJ). Veel en/of regelmatig gebruik van alcoholische dranken maakt je dus dik.
- Bovendien zal alcohol door specifieke tussenkomst op de stofwisseling dikwijls tot gevolg hebben dat de eigen suikeraanmaak stilvalt. Hierdoor kan enkele uren na alcoholgebruik een hypoglycemie ontstaan.
Alcoholische dranken bevatten naast alcohol ook vaak suikers (denk maar aan de vele likeuren, zoete aperitieven, sommige bieren, enz.). Hierdoor veroorzaken deze specifieke dranken een snelle bloedsuikerstijging, die niet samenvalt met de bloedsuikerdaling van de aanwezige alcohol en zijn dus af te raden. Zoals bij iedereen, maar bij diabeten in het bijzonder, worden alcoholische dranken best matig gebruikt: maximum 1 (voor de vrouw) à 2 (voor de man) drankjes per dag. Maar niet elke dag!
Vermijd dranken waar veel suiker inzit. Bovendien gebruikt men deze alcohol liefst in het kader van een maaltijd om laattijdige hypo's te vermijden. Tenslotte moeten vooral zwaarlijvige mensen met diabetes zich bewust zijn van de 'caloriebom' die verscholen zit in veel alcoholische dranken.
Alcoholvrij bier bevat duidelijk minder alcohol dan gewoon bier maar is meestal niet volledig alcoholvrij. Wel bevatten de meeste een vrij hoog koolhydraatgehalte. Deze bieren mogen dus zeker niet vrij gebruikt worden in het dieet en moeten meegerekend worden in de hoeveelheid koolhydraten dat mag worden genomen, evenals in de totale hoeveelheid calorieën die moeten instaan om een normaal lichaamsgewicht te verkrijgen of te behouden.