Uit eten
Keuze gerechten
Ook een persoon met diabetes kan rustig buitenshuis eten. De eerste keren kan dat een onzeker gevoel geven, maar het is een kwestie van gezond verstand en ervaring.
Wanneer je buitenlands wilt eten (Chinees, Indisch, Italiaans, Grieks, ... enz.) moet je vooral letten op wat je aan koolhydraten naar binnen krijgt.
Die koolhydraten zijn vooral te vinden in zetmeelbronnen (macaroni, bami, nasi, rijst, ...), de meeste desserten, gebonden soepen, gebonden sausen, zoete sausen en gepaneerde vlees- en visgerechten.
Een persoon met diabetes kiest best geen te vetrijke gerechten. Een keer vet eten is niet zo erg, maar liever niet te vaak. Wanneer je bij het uit eten gaan, een keer te buiten gaat en dus fiks te hoog komt te zitten met je bloedsuiker (veel plassen en drinken), is dat op te lossen door een klein beetje kortwerkende insuline bij te spuiten. Dat moet uiteraard geen dagelijkse gewoonte worden, want dan gaat het gewicht regelrecht de hoogte in.
Kennis van koolhydraatbronnenHet is belangrijk een goede kennis te hebben van de koolhydraatbronnen. Dan kan je nakijken hoeveel koolhydraten een gerecht bevat.
Een paar zaken vragen speciale aandacht: op restaurant eten gaat vaak samen met het serveren van zoete sausen (Chinese gerechten), die minder geschikt zijn. Ga dus als een fijnproever met deze zaken om. Ze kunnen je bloedsuiker verrassend snel doen stijgen. Daarentegen bevatten sommige gerechten dan weer heel weinig koolhydraten en zal er extra brood moeten ingeschakeld worden om toch aan de nodige koolhydraatwaarden te komen.
Bij het eten van een pizza is het inschatten van de koolhydraten dan weer heel moeilijk. Je kan dan volgende truc gebruiken: eet net zoveel pizza als de oppervlakte van het aantal boterhammen dat je normaal als lunch eet. Een pizza is, afhankelijk van hoe groot en dik de pizzabakker hem maakt, ongeveer 5 tot 6 boterhammen. Veel mensen met diabetes laten bijvoorbeeld de rand van de pizza staan en eten alleen het 'binnenste' op.
De ervaring met deze gerechten doe je alleen op als je het regelmatig doet en je eigen bloedglucosewaarden controleert. Aarzel ook niet je diëtist(e) advies te vragen als je iets bijzonders wil eten. Er is bijna altijd een mouw aan te passen.
"Neen” zeggen tijdens feestjes …Dit is een lastig probleem. Meestal kan je in overleg met je diëtist(e) bepalen wat je wel en wat je beter niet kunt eten, inclusief gewoon gebak en dergelijke.
Verder kan je bijvoorbeeld de gastheer/gastvrouw opbellen en vertellen dat ze voor jou niets bijzonders hoeven te halen, maar dat je het wel op prijs zou stellen als er bronwater of suikervrije drank is. In het begin kan het heel vervelend zijn om uit te leggen waarom je een bepaald iets niet wil eten of drinken. Het is van belang om dan geen smoesje te vertellen als 'ik doe aan de lijn'. Vaak dringen mensen dan verder aan: 'voor één keer maakt dat toch niets uit'.
Het is juist van belang dat steeds meer mensen weten wat diabetes is en wat ze in eventuele noodsituaties moeten doen. Bovendien is het toch gewoon valse schaamte om niet over je diabetes te praten. In het begin is dit een beetje moeilijk. Toch is het belangrijk om het te doen, al was het alleen maar om niet in een isolement te raken.