Erkenning verpleegkundige diabeteseducator

Na 15 jaar trekken en duwen eindelijk resultaat: de erkenning diabeteseducator is ondertekend.  

Een stukje geschiedenis

De Vlaamse Diabetes Vereniging ijvert al sinds 1997 voor de erkenning van een bijzondere deskundigheid in de diabetologie. Sinds 2006 werd o.m. in de schoot van de VDV, de BVVDE (Beroeps Vereniging Verpleegkundige Diabetes Educatoren) opgericht, om als volwaardige beroepsvereniging voor deze groep verpleegkundigen meer gewicht in de schaal te kunnen werpen. Sinds dat moment namen zij dan ook het gros van alle onderhandelingswerk op hun schouders. En dit is gelukt, de erkenning is rond. Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid Laurette Onkelinx zette op maandag 27 februari 2012 haar handtekening onder de erkenning. Op 13 maart verscheen het Ministerieel besluit in het Belgisch Staatsblad. Het Besluit zal in werking treden vanaf de 5de maand na de bekendmaking, dus augustus 2012.

Diabeteseducatoren-verpleegkundigen volgen een specifieke opleiding om zich te specialiseren in diabetes. Maar een officiële erkenning voor deze bijkomende opleiding bleef tot vandaag uit, het ondertekenen ervan betekent een belangrijke stap. Wij willen dan ook iedereen danken die gedurende 15 jaar mee aan de kar is blijven duwen. En meteen ook de ongeveer 800 diabeteseducatoren-verpleegkundigen  van harte feliciteren met deze belangrijke verwezenlijking en hen in de toekomst  veel succes toewensen. Maar dit is geen eindpunt, net als in het verleden blijft de Vlaamse Diabetes Vereniging samen met partners zoals BVVDE actief dit dossier opvolgen en ondersteunen.   Meer info is ook te vinden op de BVVDE-site en de site van FOD Volksgezondheid.

We proberen een antwoord te geven op de vele vragen die ons hieromtrent bereiken.   Wat we nu al weten, zetten we even op een rijtje:
 

1. In het MB wordt gesproken over opleiding, zowel het begrip bijkomende opleiding als het begrip permanente vorming.

Ook in de overgangsmaatregel wordt gesproken over bijkomende opleiding.  Op onze vraag naar meer verduidelijking rond deze begrippen kregen we volgend antwoord van de administratie:   "..voor wat betreft uw vraag over de bijkomende opleiding van minimum 50 effectieve uren kan ik u het volgende meedelen. Alle bijkomende opleidingen die in te delen vallen in de drie domeinen van de diabetologie die in artikel 3 zijn opgenomen en die in de loop van de laatste vijf jaren voorafgaande aan de datum van de erkenningsaanvraag gevolgd zijn kunnen in aanmerking komen. Er wordt geen onderscheid gemaakt naar wie de bijkomende opleiding gegeven heeft. De bijkomende opleidingen mogen dus door diverse organisaties zoals de hogescholen, de beroepsorganisaties, de instelling(en) waar men werkt (ziekenhuis, woonzorgcentra, ..) of andere verenigingen georganiseerd worden. De bijkomende opleiding mag nationaal, internationaal, intra-muraal of extra-muraal gevolgd zijn. Ook congressen die men gevolgd heeft kunnen volledig of deels in aanmerking komen. Wij raden aan om bij twijfel toch het bewijs van een gevolgde bijkomende opleiding mee op te sturen met de aanvraag tot erkenning. Voor wat de permanente vorming betreft, ook hier mogen diverse organisaties deze organiseren.

2. De titel "diabeteseducator" en de erkenning "bijzondere beroepsbekwaamheid in de diabetologie" zijn twee verschillende zaken!

Momenteel zijn er 2 zorgsystemen waarin de titel diabeteseducator  wordt gebruikt:
  • De diabetesconventie, zonder duidelijke erkenningsvoorwaarden
  • Het zorgtraject diabetes type 2: met duidelijk bepaling van erkenningsvoorwaarden

De diabetesconventie

 In de revalidatieovereenkomst vinden we volgende omschrijving:

"(een) diabetesverpleegkundige(n), belast met de specifieke technische educatie van de diabetische rechthebbende. De regelmatig geactualiseerde bekwaamheid van de diabetesverpleegkundigen, zowel inzake de opleiding als inzake de begeleiding van de diabeticus, dient geobjectiveerd te worden aan de hand van hun curriculum en gewaarborgd te worden door de inrichting en door de verantwoordelijke geneesheer. Indien bij het in voege treden van onderhavige overeenkomst een diabetesverpleegkundige geen bewijs van diabeteseducator kan voorleggen, moet dit bewijs - bij wijze van overgangsmaatregel - ten laatste op 1 juli 2011 kunnen voorgelegd worden. In geval een nieuwe verpleegkundige bij zijn of haar indiensttreding geen bewijs van diabeteseducator kan voorleggen, moet dit bewijs binnen de 3 jaar na de datum van indiensttreding kunnen worden voorgelegd."

Diabeteseducatoren – Erkenningsvoorwaarden binnen het zorgtraject diabetes type 2

Vanaf 1 september 2009, wordt een verzekeringstegemoetkoming  en een specifiek RIZIV-nummer toegekend voor specifieke verstrekkingen inzake educatie tot zelfzorg van de diabetespatiënt die worden verleend door verpleegkundigen, podologen, diëtisten en kinesitherapeuten in de context van de zorgtrajecten. Voorwaarden om deze verstrekkingen te kunnen attesteren zijn:

De betrokken verpleegkundigen, podologen, diëtisten en kinesisten kunnen een specifiek registratienummer (RIZIV-nummer) aanvragen bij het RIZIV. Dit nieuw registratienummer vervangt het vorige nummer en kan dadelijk gebruikt worden. Verpleegkundigen, diëtisten, podologen en kinesitherapeuten met het nieuw nummer kunnen ook specifieke verstrekkingen inzake educatie tot zelfzorg attesteren.

Voorwaarden voor de aanvullende opleiding tot diabeteseducator

  • 20 studiepunten tellen of minstens 150 opleidingsuren omvatten;
  • minstens 100 uren theoretisch onderwijs omvatten;
  • leiden tot de uitreiking van een getuigschrift door een erkend opleidingsinstituut.

3. Er zijn overgangsmaatregelen voorzien om de erkenning aan te vragen.

Deze geven de mensen die in het verleden een opleiding hebben gevolgd en werkzaam bij patiënten met diabetes de kans om hun erkenning aan te vragen. Tegelijkertijd wordt aan de organisatoren van de opleidingen, de kans geboden om hun programma eventueel aan te passen.
 

4. Wat is het belang van een erkenning  bijzondere beroepsbekwaamheid?

Deze erkenning is vooral belangrijk als impuls om  het beroep van verpleegkundige aantrekkelijker te maken o.m. door het toekennen van premies aan verpleegkundigen met beroepstitels en bijzondere beroepsbekwaamheden.


5. Beroepsbekwaamheid verkrijgen versus beroepsbekwaamheid behouden?

Verkrijgen van de erkenning (cumulatieve opsomming)

  • Houder zijn van het juiste diploma
  • Met vrucht een bijkomende opleiding gevolgd hebben van min. 150 uren theorie die voldoet aan de opgesomde criteria

Of beroep doen op de overgangsmaatregel (mogelijk tot 2015)

 

Behouden van de erkenning (cumulatieve opsomming)

Gedurende de laatste 4 jaar:

  • Permanente vorming van min 60 effectieve uren in de verschillende domeinen zoals bepaald gevolgd hebben.
  • Min 1500 uren effectief tewerkgesteld zijn bij patiënten die diabetes hebben.

6. Hoe zit het met het voorleggen van bewijs van werkervaring in het kader van het bekomen en het behoud van de erkenning?

In de overgangsmaatregel is voor het aanvragen van de erkenning bepaald dat “hij heeft zijn functie van verpleegkundige bij patiënten die aan diabetes lijden, gedurende minstens twee jaar voltijds equivalent uitgeoefend gedurende de laatste vijf jaren voorafgaande aan de datum van de erkenningsaanvraag."

Een van de voorwaarden voor het behouden  van de erkenning van beroepsbekwaamheid is: “ de verpleegkundige heeft gedurende de afgelopen vier jaar minimum 1500 effectieve uren gewerkt bij patiënten die aan diabetes lijden”. Hiervoor dient een attest van tewerkstelling van de werkgever voorgelegd.   Er stellen zich 2 problemen waarop momenteel nog geen antwoord voorhanden is, maar waarover wordt onderhandeld :

  • Wat met zelfstandige verpleegkundige die geen attest van hun werkgever kunnen voorleggen ? De administratie bezorgde ons volgend antwoord: Geachte, voor wat uw bijkomende vraag betreft kan ik u enkel meedelen dat dit probleem voor de zelfstandige thuisverpleegkundige onderzocht wordt in de schoot van de Erkenningscommissie. Men denkt bvb aan de mogelijkheid dat een verwijzende huisarts eventueel een verklaring kan opmaken. Men hoopt tot een oplossing te komen voor augustus 2012, het tijdstip waarop de aflevring van de erkenning van start zal gaan. Ik verzoek u o op geregelde basis de website van de FOD Volksgezondheid te consulteren. Zodra er een oplossing gevonden is voor dit probleem zal dit op deze website gepubliceerd worden
  • Vooral in de thuiszorg wordt de haalbaarheid van 1500 gewerkte uren in vraag gesteld. Ook hierover wordt verder onderhandeld.  

7. Wat mag er verder verwacht worden?

VDV en BVVDE (vereniging van diabeteseducatoren) volgen  alle verdere ontwikkelingen op de voet en houden je op de hoogte. Zo willen we enerzijds de kwaliteit van de opleidingen bewaken en ervoor zorgen dat de patiënt de beste kwaliteit van zorgen krijgt. Ook zal er zeker moeten bekeken worden hoe er een link gelegd wordt tussen de verschillende zorgsystemen en de titel van "verpleegkundige met bijzondere beroepsbekwaamheid in de diabetologie".




Vlaamse Diabetes Vereniging vzw
Diabetes infolijn 0800 96 333
Contacteer ons