Mythes en misverstanden over diabetes

puzzel

Hoewel diabetes steeds vaker voorkomt, leven er nog steeds heel wat misverstanden over de aandoening. Dat bleek ook uit een enquête die de Diabetes Liga hield onder 1000 Vlamingen om hun kennis over diabetes te testen. We zetten de voornaamste misverstanden op een rij.

Misverstand 1: Diabetes is een zeldzame aandoening

Diabetes is helemaal niet zo zeldzaam als men soms denkt. Diabetes komt bovendien wereldwijd steeds vaker voor, zodat we van een echte epidemie kunnen spreken. In België wordt het voorkomen van diabetes bij volwassenen geschat op 1 op 12 (dat is 400.000 Vlamingen). Volgens voorzichtige voorspellingen zal dit oplopen tot 1 op 10 volwassen Belgen in 2030. In minder dan 10% van de gevallen gaat het om type 1 diabetes (vooral < 40 jaar), en zo'n 90-95% heeft type 2 diabetes (vooral > 40 jaar).
Type 2 diabetes is verantwoordelijk voor de belangrijkste stijging in de diabetescijfers. Men denkt bovendien dat ongeveer één derde van de mensen met diabetes helemaal niet weet dat hij of zij de aandoening heeft, wat alarmerend is. Tenslotte loopt een even grote groep mensen een sterk verhoogd risico om op termijn diabetes te ontwikkelen.

Alles samengenomen heeft ruim 1 miljoen mensen in ons land diabetes of een verhoogd risico om de aandoening te ontwikkelen.


Misverstand 2: Je krijgt diabetes door teveel suiker te eten

Diabetes gelijk stellen aan te veel snoepen of te veel suiker eten, dat is klinkklare onzin. We moeten eerst en vooral het onderscheid maken tussen type 1 en type 2 diabetes. Type 1 diabetes is een auto-imuunziekte die leidt tot de vernietiging van de insulineproducerende cellen van de pancreas. Erfelijke aanleg speelt een zekere rol, maar de precieze uitlokkende omgevingsfactoren zijn niet goed begrepen. We weten dat er absoluut geen verband is tussen snoepen of ongezond eten als kind en het optreden van type 1 diabetes. Nochtans is het een misverstand waar kinderen met diabetes en hun ouders wel meer mee geconfronteerd worden.
Bij type 2 diabetes, de meest voorkomende vorm, zijn er een aantal risicofactoren aan te wijzen:

  • Overgewicht (voornamelijk te dikke buik)
  • Te weinig bewegen en ongezond eten
  • Diabetes in de familie (erfelijkheid)
  • Oudere leeftijd
  • Voorgeschiedenis van verhoogde bloedsuiker (bijv. zwangerschapsdiabetes)
  • Roken


Aan sommige factoren kan je niets veranderen (leeftijd, erfelijke aanleg ...), andere heb je wel in de hand. Overgewicht - vooral een te dikke buik -  draagt in belangrijke mate bij tot de ontwikkeling van type 2 diabetes.
Vaak wordt verondersteld dat suiker op zich diabetes veroorzaakt. Dat is onjuist. Het overmatig gebruik van suiker (frisdrank, snoep, desserts ...) kan wel het ontstaan van overgewicht in de hand werken en zo bijdragen tot de ontwikkeling van type 2 diabetes. Er wordt tegenwoordig veel aandacht besteed aan suiker omdat we met zijn allen teveel toegevoegde suikers consumeren. Maar niet alleen suiker treft schuld: we eten vaak te veel vet, nemen te grote porties, en drinken te veel alcohol.


Misverstand 3: Er is zware en minder zware diabetes

Vaak wordt er gesproken over ‘zware’ en ‘minder zware’ diabetes, waarbij men denkt aan het verschil in behandeling met insuline of tabletten. Dat onderscheid is nonsens: een beetje diabetes bestaat immers niet! Weliswaar is er een verschil in verloop tussen type 1 en type 2 diabetes, de twee meest voorkomende vormen van diabetes. Bij type 1 diabetes maakt de pancreas zelf geen insuline meer aan, en is een onmiddellijke behandeling met insuline-injecties noodzakelijk. Type 2 diabetes verloopt meer geleidelijk. In het begin kunnen een aangepaste leefstijl en diabetestabletten volstaan om de aandoening onder controle te houden. Op termijn is toch insuline nodig door de verdere achteruitgang van de pancreasfunctie. De mogelijke gevolgen zijn voor iedereen met diabetes echter dezelfde! Zelfs bij licht verhoogde bloedsuikerwaarden is er al meer kans op chronische verwikkelingen. Je voelt dit niet zomaar.
Het komt er steeds op aan diabetes in een vroeg stadium te behandelen en goed te blijven opvolgen.


Misverstand 4: Diabetes is te genezen

Ook dit klopt niet. Diabetes is een chronische aandoening die vanaf het moment van de diagnose, levenslang je aandacht vraagt: leefstijl, zelfzorg, medicatie ... Genezing zou betekenen dat de pancreas zich opnieuw kan herstellen en dat er niet langer medicatie nodig is om de bloedglucose te regelen. Hoewel het wetenschappellijk onderzoek naar een blijvende oplossing met rasse schreden vordert, zijn we jammer genoeg nog niet zo ver.

Met de huidige medische mogelijkheden kan diabetes wel doeltreffend behandeld worden. Zo kunnen de problemen op lange termijn (hart- en vaatziekten, nierproblemen, oogaandoeningen ...) die de levenskwaliteit sterk verminderen, maximaal voorkomen worden.
Bij type 2 diabetes is het soms mogelijk om via leefstijlaanpassing, de medicatie tijdelijk te verminderen of te stoppen. Dit wordt soms ten onrechte als een genezing gezien.

 
Deel dit bericht
Deel dit bericht