Uitstel van symptomatische diabetes type 1 in de toekomst?
Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat type 1 diabetes zich in verschillende stadia ontwikkelt, vaak jaren voordat de eerste symptomen zich manifesteren. Vroege detectie van stadium 2 type 1 diabetes maakt het mogelijk om al in een heel vroeg stadium in te grijpen, op een moment dat de bètacellen nog (gedeeltelijk) werken. Dat opent de deur naar onderzoek rond immuuntherapie.
Een voorbeeld hiervan is teplizumab, een monoklonaal antilichaam dat zich richt op CD3-positieve T-cellen, de cellen die verantwoordelijk zijn voor de auto-immuunaanval op de bètacellen. Door deze cellen tijdelijk te moduleren, kan de overgang van asymptomatische naar symptomatische diabetes type 1 en de opstart van insuline met enkele jaren worden uitgesteld. De bevindingen uit klinisch onderzoek waren zo overtuigend dat ze hebben geleid tot de goedkeuring van teplizumab door de Amerikaanse Food and Drug Administration als de eerste preventieve behandeling voor diabetes type 1 voor kinderen vanaf 8 jaar en volwassenen die zich in stadium 2 van diabetes type 1 bevinden.
In januari 2026 heeft de Europese Commissie teplizumab goedgekeurd voor de behandeling van stadium 2 auto-immuun type 1 diabetes bij volwassen en pediatrische patiënten van 8 jaar en ouder. Deze goedkeuring markeert een belangrijke mijlpaal in de Europese behandeling van type 1 diabetes en biedt nieuwe perspectieven voor patiënten en hun families (lees het nieuwsbericht hier). Daarnaast zijn er momenteel ook andere veelbelovende immuuntherapieën in ontwikkeling, wat de hoop versterkt op verdere doorbraken in de preventie en behandeling van type 1 diabetes.